Betekenis 'weer'

Je hebt gezocht op het woord: weer.

1weer (de; v(m)) 1het zich weren, verdedigen: zich te weer stellen; vroeg in de weer zijn aan het werk 2weer (het; o) 1toestand van de dampkring wat temperatuur, vochtigheid, luchtdruk, bewolking en wind betreft: weer of geen weer bij elke weersgesteldheid; mooi weer spelen (a) ondanks problemen doen alsof er niets aan de hand is; (b) het er goed van nemen2de gevolgen van de invloed van temperatuur en vocht: het weer zit in de spiegel de spiegelende laag is aangetast door vocht 3weer (bijwoord) 1terug: heen en weer lopen; over en weer wederzijds2opnieuw: ik zag haar weer we·ren (weerde, heeft geweerd) 1tegenhouden: iets van de televisie weren niet toelaten op2zich weren zich verdedigen3zich weren zijn best doen

Dit woord opzoeken in onze grootste woordenboeken?

Bestel nu uw toegang of probeer Van Dale Online gratis. U krijgt direct en zonder verdere verplichtingen tijdelijk toegang tot de beste taalhulpmiddelen van Van Dale.