Betekenis 'parallel'

Je hebt gezocht op het woord: parallel.

1pa·ral·lel (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord) 1met overal dezelfde tussenruimte, op elk punt even ver van elkaar, gelijklopend; = evenwijdig: die lijnen lopen parallel aan elkaar2overeenkomend, vergelijkbaar 2pa·ral·lel (de; v(m); meervoud: parallellen) 1(aardrijkskunde) breedtecirkel2(wiskunde) lijn die evenwijdig loopt aan een andere3overeenstemming; = vergelijking: een parallel trekken tussen twee dichters

Dit woord opzoeken in onze grootste woordenboeken?

Bestel nu uw toegang of probeer Van Dale Online gratis. U krijgt direct en zonder verdere verplichtingen tijdelijk toegang tot de beste taalhulpmiddelen van Van Dale.