Betekenis 'leren'

Je hebt gezocht op het woord: leren.

1leer (de; v(m)) 1lering, les2het leerling-zijn: ergens in de leer zijn om een vak te leren3aantal regels die een afgesloten geheel vormen; = stelsel: niet zuiver in de leer zijn niet orthodox 2leer (de; v(m); meervoud: leren) 1ladder 3leer, le·der (het; o) 1bewerkte dierenhuid2leren voorwerpvan leer trekken tekeergaan 1le·ren (leerde, heeft geleerd) 1onderwijs geven; = onderwijzen: een kind leren schrijven2vaardigheid in iets krijgen: een taal leren3in het geheugen opnemen: een les leren4zich kennis of vaardigheid proberen eigen te maken; = studeren: leren voor onderwijzer 2le·ren, le·de·ren (bijvoeglijk naamwoord) 1van leer

Dit woord opzoeken in onze grootste woordenboeken?

Bestel nu uw toegang of probeer Van Dale Online gratis. U krijgt direct en zonder verdere verplichtingen tijdelijk toegang tot de beste taalhulpmiddelen van Van Dale.