Betekenis 'bezit'

Je hebt gezocht op het woord: bezit.

be·zit (het; o) 1(juridisch) het houden of genieten van een zaak, die iem. in zijn macht heeft, alsof zij aan hem toebehoort: in het bezit van iets zijn2al iemands bezittingen: dat was zijn hele bezit be·zit·ten (bezat, heeft bezeten) 1in bezit hebben

Dit woord opzoeken in onze grootste woordenboeken?

Bestel nu uw toegang of probeer Van Dale Online gratis. U krijgt direct en zonder verdere verplichtingen tijdelijk toegang tot de beste taalhulpmiddelen van Van Dale.