Betekenis 'Biscuitje'
Je hebt gezocht op het woord: Biscuitje.
bis·cuit (het/de; o en m; meervoud: biscuits; verkleinwoord: biscuitje) 1wafeltje, koekje
bis·cuit·je (het; o; meervoud: biscuitjes) 1droog, bros koekje van tarwemeel, vet, suiker enz.
Dit woord opzoeken in onze grootste woordenboeken?
Bestel nu uw toegang of probeer Van Dale Online gratis. U krijgt direct en zonder verdere verplichtingen tijdelijk toegang tot de beste taalhulpmiddelen van Van Dale.