Betekenis ' strak '

Je hebt gezocht op het woord: strak.

strak (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord; vergrotende trap: strakker, overtreffende trap: strakst) 1gespannen: iem. strak houden hem weinig vrijheid toestaan2star, onbeweeglijk: strak staan van de pillen zwaar onder invloed zijn van3(van een gezicht) geen gevoelens uitdrukkend4(informeel) uitstekend: dat is een strak plan!

Dit woord opzoeken in onze grootste woordenboeken?

Bestel nu uw toegang of probeer Van Dale Online gratis. U krijgt direct en zonder verdere verplichtingen tijdelijk toegang tot de beste taalhulpmiddelen van Van Dale.